Equi Habitat

Paardenweides worden veelal geassocieerd met kort begraasde graslanden die weinig biodiversiteit bevatten, in veel gevallen een monocultuur aan (Engels raai)gras met uiteraard ook kruiskruid en ridderzuring bij de latrines. Dit alles als resultaat van overbegrazing, bodemverdichting en overbemesting met kunstmest en/of drijfmest. Met het Equi Habitat concept geven we het voorbeeld dat het ook anders kan!

 Wat is een Equi Habitat?

 Een Equi Habitat is het antwoord op de uitdaging om paarden op een ecologisch verantwoorde manier met respect voor de natuur te integreren in het landschap. De basis bestaat eruit om een track systeem zonder gras te creëren voor de paarden zoals beschreven in het boek “Paddock Paradise, A Guide to Natural Horse Boarding” uit 2006 van de Amerikaanse natuurlijk bekapper Jaime Jackson. Dit boek werd in 2016 vertaald naar het Nederlands en is voor België exclusief bij Viva Concept te koop, ook de Franstalige versie van het boek hebben we in ons gamma. In het Paddock Paradise concept ligt de nadruk vooral op de hoeven en algemene gezondheid van de paarden. Door gedomesticeerde paarden te huisvesten in een omgeving die zo dicht mogelijk aanleunt bij hun natuurlijke habitat en ook het dieet daarop af te stemmen, krijg je gezonde paarden. Naast voeding is vooral ook de mogelijkheid om dag in dag uit, zomer en winter, vrij te kunnen bewegen op de tracks en paddocks de reden dat paarden gezond blijven. De beweging wordt extra gestimuleerd door op verschillende plaatsen eten aan te bieden in kleine voerstations en de dynamiek binnen de kudde te laten spelen. Zo zullen de paarden elkaar in beweging zetten door het hooi van een paard lager in rang in te nemen.

In een Equi Habitat kijken we bijkomend ook naar de andere bewoners van een habitat waar paarden zich goed voelen, zoals kleine zoogdieren, amfibieën, insecten en vogels. Voor een Equi Habitat wordt landschapsarchitectuur toegepast die rekening houdt met de Permacultuur ontwerpprincipes, een ecologisch verantwoord ontwerp oplevert en aangepaste beplanting voorziet. Er wordt gewerkt met duurzame materialen en met een natuurlijk weidebeheer wordt er extra aandacht besteed aan de bodem voor het ontwikkelen van kruidenrijk grasland, meer biodiversiteit en dus gezonder ruwvoer voor de paarden. Door de paarden voornamelijk op een track te houden, krijgt de bodem in de weides en platzones de rust die nodig is om het natuurlijke regeneratieproces terug op gang te laten komen, zodat de biodiversiteit kan toenemen. De bodemconditie en het bodemleven bepalen de kwaliteit van het voedsel dat erop groeit en dus ook de gezondheid van wie zich hiermee voedt. Door de paarden ook van bomen en struiken te laten eten, kan je meer voedsel creëren op minder oppervlakte.  Het gras dat je verliest door de tracks krijg je dus meer dan dubbel terug in de vorm van een biodivers en gevarieerd paardendieet aan kruiden, struiken en bomen.

In de Benelux zijn er wel enkele zaken waar we extra rekening mee moeten houden zoals de ondergrond en de waterhuishouding op de tracks die voor modder kan zorgen. Ook het feit dat de meeste paardeneigenaren in Nederland en België over minder land beschikken dan in Californië waar het originele Paddock Paradise concept ontwikkeld werd, speelt een rol bij de uitwerking van het ontwerp. Het is ook een misvatting dat je om een Equi Habitat aan te leggen moet beschikken over veel grond. Mits de juiste indeling kan je op een halve hectare wel tot 4 paarden een goed en semi-natuurlijk leven geven. Dit zeggen we met de kanttekening dat je eigenlijk pas tot een ecologisch evenwicht kan komen met 1 paard per ha. Want een evenwicht wil ook zeggen dat je al het voedsel van je eigen land moet kunnen halen en alle mest ook weer moet kunnen inzetten voor de bemesting van dat eigen land. Maar of je nu 1000m2 of 10ha grond beschikbaar hebt om je paardendroom te verwezenlijken, een Equi Habitat is steeds de beste optie voor de paarden en hun omgeving. Zeker voor paarden die snel te dik worden of gezondheidsklachten hebben, is het de ideale oplossing. Uit vele wetenschappelijke studies blijkt dat weidegang op traditionele landbouwweides en te weinig beweging de oorzaak zijn van veel gezondheidsproblemen. Door de paarden in het voorjaar van de weide te houden, kunnen de grassen en de kruiden zich echt ontwikkelen, in combinatie met een gezonde bodem krijg je zo gebalanceerde paardenvoeding. Tussen half juni en half juli als het gras in het zaad komt kan er dan gehooid worden of kan de weidegang langzaam opgebouwd worden.

Wat is het Equi Habitat label?

Het Equi Habitat label werd in het leven geroepen om voorbeeldprojecten die paardenwelzijn, landschapsintegratie en natuur hoog in het vaandel dragen, meer onder de aandacht te brengen. Het Equi Habitat label is er voor zowel particulieren paardeneigenaren die een voorbeeldfunctie willen opnemen, als voor pensioneigenaren die zich willen onderscheiden, want de vraag naar dit soort bewegingspensions is groter dan het aanbod.

Alle projecten die voldoen aan de eerste 3 basispunten, minstens 1 bijkomend punt (van 4 t.em. 8) en de ambitie hebben om (op termijn) alle 8 punten om te zetten in de praktijk, kunnen het Equi Habitat label aanvragen. Voor het label wordt toegekend zal er een bezoek plaats vinden. Tijdens dit bezoek krijg je advies over waar nog verbeteringen aangebracht kunnen worden. Als onderdeel van dit bezoek krijg je een adviesverslag voor het realiseren van alle 8 punten, een gps-meeting en drone luchtfoto’s. Uiteraard krijg je ook het Equi Habitat label met het aantal sterren dat van toepassing is. Elk bijkomend punt boven op de 3 basispunten resulteren in 1 bijkomende ster.

Bij het bezoek zal er gebruik gemaakt worden van een checklist met exacte criteria als basis voor het adviesverslag en de toekenning van het aantal sterren. Deze criteria kunnen voor het bezoek opgevraagd worden en maken onderstaande uitgeschreven punten objectief meetbaar.

  1. 24/7/365 vrije beweging in kudde op een track systeem

In een Equi Habitat krijgen paarden de nodige beweging en vinden ze het sociaal contact waar ze van nature nood aan hebben. In de vrije natuur zouden ze namelijk 60% van de tijd bewegen om te overleven op zoek naar eten en drinken zo een 20 à 40 km per dag zouden ze afleggen. Verder zouden ze 20% van de tijd staan rusten, 10% liggen en 10% sociale interactie hebben. In een Equi Habitat leven ze 24 op 7 het hele jaar rond in kuddevorm op paddocks die met elkaar verbonden zijn via tracks. Tracks zijn zandpaden van 2 à 5 meter breed die rond en/of door de weilanden lopen. De comfortabele temperatuurzone voor paarden ligt tussen de -15°C en +25°C. Bij gezonde paarden die zich hebben kunnen aanpassen aan het buitenleven, is er in de Benelux dus nooit nood aan een deken opleggen tegen de koude. Paarden hebben het in onze gebieden dus sneller te warm dan de koud.

Paarden het hele jaar door buiten laten zonder aangepaste maatregelen te treffen is gezien de hoge bezettingsgraad voor de beperkte oppervlakte in de Benelux helaas meestal geen optie. Dit heeft bij droogte tot gevolg dat weides veranderen tot paddocks en geen enkel leven nog een kans krijgt. In de winter krijg je door overbegrazing en overbetreding overal modder waardoor je steeds moet blijven vechten met een verstoord grasland dat niet meer in staat is om kwalitatief voedsel te leveren voor je paarden.

Door op meerdere plaatsen van de track hooi aan te bieden en ervoor te zorgen dat de paarden kruiden, takken en bladeren kunnen eten die onder, door of over de schrikdraad groeien blijven ze steeds in beweging. Verder is het voorzien van een stofbad, modderbad en heuvel die voor de paarden overzicht geeft over het landschap onmisbaar in elke Equi Habitat. Het integreren van rotsen waartussen likstenen kunnen aangebracht worden als ook andere natuurlijke waterdoorlatende verhardingen van de track en hindernissen zoals boomstammen zijn een meerwaarde.

De voordelen in een notendop:

  • Voor het paard:24/7/365 vrije beweging in kudde op een track systeem komt tegemoet aan de nood van paarden voor sociale contact, het natuurlijke migreer en foerageer gedrag.
  • Voor de natuur: Door overbegrazing en overbetreding te voorkomen krijgen natuurlijke regeneratieprocessen terug een kans, kan de bodem herleven, verschillende gewassen en de biodiversiteit in het algemeen herleven.
  • Voor het landschap: In een landschap hoeven tracks zeker niet storend te zijn, ze kunnen gebruikt worden om historische routes en zichtlijnen te accentueren.
  1. Duurzame materialen, veilige geïntegreerde afrastering

In een Equi Habitat wordt de afrastering uitgevoerd met duurzame materialen die mooie in het landschap geïntegreerd kunnen worden. Zoals kastanje palen uit ecologisch beheerde Franse natuurparken en schrikdraad toebehoren die in de Benelux gefabriceerd worden. Schrikdraad, koord of lint is steeds in een donkere tint uitgevoerd zodat het geheel mooi kan opgaan in het landschap.

Achter een afrastering staan de stammen van bomen en kernen van struiken veilig uit het bereik van de paarden. Overgroeiende takken en bladeren maken deel uit van gezonde voeding voor paarden. Door gebruik te maken van een sterk en kwaliteitsvol stroomapparaat van minstens 8.000 volt en 3 joule waar je ook de actuele spanning van kan aflezen, krijg je geen zwakke plekken in je afrastering. Waar de track loopt zullen de paarden steeds het groen kort houden zodat het de schrikdraad niet kan raken. Waar paarden niet kunnen komen zal het tegen groeiend groen bij het raken van de schrikdraad automatisch weggebrand worden door de hoogspanning zodat er verder geen verlies meer optreedt. Moest er een tak afbreken en op de schrikdraad terechtkomen dan zie je dit op het scherm door het terugvallen van bijvoorbeeld 8.000 volt naar 6.000 volt.

In de exacte criteria voor het label hechten we ook belang aan een goede plaatsing van de afrastering zodat dit veilig is voor de paarden. De bochten dienen afgerond en ruim genoeg te zijn om in galop te passeren. De breuklast en aanspanning van de schrikdaad alsook het type en de montage van de isolatoren spelen op het vlak van veiligheid ook een grote rol.

Schuilstallen, drink- en hooibakken worden bij voorkeur voorzien in hout zodat deze mooi opgaan in het landschap. Ook voor waterdoorlatende track verharding en pistes dient er voor duurzame en natuurlijke materialen gekozen te worden zoals lava, natuursteen en zand. Materialen zoals gebroken bouwafval en gefreesde asfalt voor de track of tapijtsnippers in de piste horen niet thuis in een Equi Habitat.

Om geen projecten uit te sluiten die jaren terug gestart zijn met een minder ecologisch bewuste aanpak door gebrek aan informatie, zal de duurzaamheid van de materialen enkel gevalideerd worden op de extensies en reparaties van de afgelopen 2 jaar. Op het vlak van de veiligheid van de afrastering worden er echter geen compromissen gemaakt.

De voordelen in een notendop:

  • Voor het paard:Veilige afrastering voorkomt dat paarden zich kunnen verwonden.
  • Voor de natuur: Door geen gebruik te maken van schadelijke materialen kunnen deze de omgeving ook niet vervuilen.
  • Voor het landschap: Natuurlijke materialen kunnen mooi geïntegreerd worden in het landschap.
  1. Natuurlijk (drink)water voor paarden en omgeving

In een Equi Habitat wordt het regenwater van de eventuele schuilstallen opgevangen en aangeboden als drinkwater voor de paarden. Bij voorkeur wordt het regenwater aangeboden in een halve wijnton met vlottersysteem. Het voordeel is dat een eikenwijnton geen weekmakers, pcb’s of hormoonverstorende oestrogenen bevat die kunnen uitlekken in het drinkwater zoals de veelal gebruikte speciekuipen. Het water wordt in de zomer koel gehouden door de verdamping via het hout. Door het vlottersysteem is de halve wijnton steeds gevuld met water zodat paarden altijd drinken hebben, geen kans krijgen om lege kuipen te spelen en andere dieren er steeds zonder problemen terug uit geraken. Het water staat namelijk steeds tot aan de rand zodat volgels er stedds terug uit geraken en je kan nog een trapje voorzien voor de insecten.

Indien de locatie er geschikt voor is beschikt het Equi Habitat ook over een poel. Water is onontbeerlijk in elk ecosysteem en brengt leven in het landschap. Daarom is het ook belangrijk dat een deel van de poel uitgerasterd is zodat deze niet volledig toegankelijk is voor de paarden. Ook in het geval een poel in de zomer zou droogvallen en het technisch gesproken geen poel meer is maar een put met af en toe water, blijft dit tijdens de tussenseizoenen en winter wel een meerwaarde hebben voor de paarden. In dat geval kan er ook geopteerd worden om een diepere zone die niet toegankelijk is voor de paarden te voorzien van een ondoorlatende kleilaag om te voorkomen dat het water infiltreert. Dit zorgt ervoor dat amfibieën zich ondanks het droogvallen van het grootste gedeelte van de poel toch nog kunnen voortplanten. Dat er op bepaalde plaatsen rond de poel modder ontstaat kan geen kwaad voor de paarden, want een modderbad is een essentieel onderdeel van hun dagelijkse hygiëne. Wel is belangrijk dat er gedurende alle seizoenen voldoende plaatsen en doorgangen zijn zonder modder zodat de kootholtes ook kunnen drogen en mok zo voorkomen kan worden.

De voordelen in een notendop:

  • Voor het paard:Paarden verkiezen in de meeste gevallen regen en poelwater boven grond- of leidingwater.
  • Voor de natuur: In een poel kunnen insecten zoals libellen en vlinders zich voorplanten en amfibieën zoals kikkers en salamanders leggen er hun eieren.
  • Voor het landschap: Water brengt het landschap tot leven.
  1. Schaduw van bomen en takkenhooi van knotbomen

In een Equi Habitat staan verschillende soorten bomen zoals linde, kastanje en es die schaduw verzorgen voor de paarden. Bomen kunnen ook gebruikt worden om bijvoorbeeld een schuilstal meer te integreren in het landschap. De gesnoeide takken van knotbomen kunnen vers of in de winter gedroogd aan de paarden gegeven worden als takkenhooi. Steenuilen bouwen hun nesten in knotbomen. Naast wilg kan je o.a. ook zwarte els, gewone es, zomereik, winterlinde en tamme kastanje knotten. Lange flexibele takken kunnen ook gebruikt worden voor vlechtwerk maar de belangrijkste functie in een Equi Habitat is om regelmatig de takkenwal aan te vullen zodat de paarden hun ruwvoer kunnen aanvullen met bladeren, schors en soms ook hout. Daarnaast kan er ook geopteerd worden voor een boomgaard, snoeihout van appel- en perenbomen kan aan de paarden gegeven worden en af en toe een appeltje kan ook geen kwaad.

De voordelen in een notendop:

  • Voor het paard:Bomen voorzien in aanvullend ruwvoer en schaduw voor paarden.
  • Voor de natuur: Bomen bieden o.a. nestplaatsen voor vogels, maar vervullen nog zoveel andere nuttige functies in de natuur.
  • Voor het landschap: Bomen accentueren zichtlijnen en markeren het landschap.
  1. Hagen, heggen, houtkanten en/of takkenwallen

In een Equi Habitat heb je hagen, heggen, houtkanten en/of takkenwallen die dienstdoen als ruwvoer, afscherming en natuurlijk schuilplaats voor de paarden, maar ook als nestplaats en voedsel voor vogels, egels en andere dieren. Ze kunnen ook gebruikt worden om meer storende elementen zoals mestvaalten te camoufleren.

Hagen kunnen bestaan uit één soort zoals meidoorn of haagbeuk maar ook uit meerdere soorten door bijvoorbeeld nog zwarte els en Hondsroos toe te voegen, hou hierbij wel steeds rekening met het bodemtype, de bodemvochtigheid en de streek eigenheid. Het typische aan een haag is dat deze bestaat uit een 4-tal planten per lopende meter die één à twee keer per jaar worden geschoren, dit kan je gedeeltelijk uitbesteden aan de paarden maar de hoogte inperken op 130 cm doe je best zelf om het overzicht in het landschap te bewaren. Er kan ook geopteerd worden voor een fruithaag van appel, peer of kleinfruit, dan is een plantafstand van 1 meter aan te bevelen.

Bij een heg spreken we over 2 à 3 rijen planten met een plantafstand van 1 meter, de planten staan geschrankt t.o.v. elkaar. Er kan af en toe eens grof gesnoeid worden om de grootste uitlopers in te perken. Bij een veekering heg spreken we over een ondoordringbare heg voor paarden door de stekels van meidoorn en sleedoorn, alsook het gebruik van planten die niet gegeten worden door paarden zoals vlier, spork en lijsterbes. Bij een vlechtheg of legheg worden soorten zoals meidoorn onderaan ingehakt en diagonaal gebogen, het geheel wordt zo minder goed doordringbaar en op de plaats waar het stammetje gespleten werd door het diagonaal leggen van de meidoorn ontstaan weer nieuwe verticale uitgroeiers. Dit is de voorloper van de prikkeldraad maar deze is wel paardvriendelijk. Voor zo een heg ondoordringbaar wordt dient deze wel eerst een 8-tal jaar uit te groeien achter een schrikdraad.

Een houtkant is een uitgeschoten heg die elke 3 à 12 jaar (afhankelijk van de soorten) wordt gekapt tot op 20 cm van de grond of 10 cm van het vorige niveau. In een gemengde haag, heg of houtkant worden meerdere soorten gecombineerd, i.f.v. de onderlinge concurentie en nestveiligheid worden best steeds 3 à 5 van dezelfde soort bij elkaar gezet. Dit zorg ervoor dat vogels centraal in de meidoornzone kunnen nestelen en bijvoorbeeld katten niet in de haagbeuk ernaast kunnen klimmen om het nest te benaderen.

Van heggen, houtkanten of knotbomen kan je op regematige tijdstippen takken oogsten om aan de paarden te voeren. Door niet op het zelfde moment alle uitlopers in te korten heb je steeds een toevoer van aanvullend ruwvoer voor de paarden en blijft er ook steeds nestplaat beschikbaar. Door de takken in een takkenwal te leggen waar de paarden kunnen uit eten, combineer je het aanbieden van aanvullend ruwvoer en de creatie van een andere biotoop in het Equi Habitat waar vele soorten zoals padden, solitaire bijen en egels een schuilplaats kunnen vinden.

De voordelen in een notendop:

  • Voor het paard:Houtige gewassen voorzien in aanvullend ruwvoer.
  • Voor de natuur: Houtige gewassen voorzien in voedsel en nestplaats voor vele diersoorten.
  • Voor het landschap: Hagen, heggen, houtkanten en takkenwallen maken het landschap kleinschaliger.
  1. Kruidenstroken voor paarden en als faunarand

 In een Equi Habitat zijn kruidenstroken voorzien, door deze gedeeltelijk aan te leggen onder en achter de afrastering waar de paarden er niet aan kunnen, kunnen de kruiden zich goed ontwikkelen en kunnen ook de eenjarige kruiden zich opnieuw uitzaaien. Kruidenstroken zijn ook ideale faunaranden voor hazen, egels en andere kleine zoogdieren. Vlinders, nuttige insecten en vogels vinden er voedsel en/of kunnen zich hierin voorplanten. Typisch voor deze zones is dat hier ook planten staan waar paarden mogelijk niet helemaal verzot op zijn, maar soms wel een nood aan kunnen hebben zoals munt, brandnetel boerenwormkruid en absintalsem. Ook de paarden kunnen eventuele uitgerasterde faunaranden in de weides vanaf het najaar af en toe bezoeken om te grazen, laat deze zones echter nooit helemaal afeten. Vanaf augustus één bezoekje van een uur per week aan de natuurlijke apotheek zal zowel de omgeving als het paard in evenwicht houden. In het kruidenrijk grasland en kruidenhooi hebben ze namelijk ook al een gevarieerd dieet.

De voordelen in een notendop:

  • Voor het paard:Kruidenstroken fungeren als een natuurlijke apotheek voor paarden en voorkomen voedingstekorten.
  • Voor de natuur: Kruidenstroken die niet of bij uitzondering maar eens bezocht worden door paarden worden automatisch een faunarand voor o.a. patrijzen, hazen en andere diersoorten.
  • Voor het landschap: Faunaranden en ruigtes zorgen voor afwisseling in het landschap.
  1. Kruidenrijk grasland

In een Equi Habitat is het aandeel Engels raaigras max. 20% en kunnen de paarden verschillende kruiden, bloemen en grassen uitzoeken. Zo krijgen ze gevarieerde voedingstoffen binnen en wordt het suiker en eiwitgehalte bewust beperkt. In de klassieke landbouw zijn dit wel net de belangrijkste parameters die de voedingswaarde bepalen. In een Equi Habitat kijken we echter verder naar alle nutriënten en inhoudstoffen die planten bevatten, voor een gevarieerd en goed dieet voor paarden is er nood aan een grote biodiversiteit. Ook diverse vlinders, nuttige insecten en weidevogels worden aangetrokken door de verschillende gewassen.
Het ontwikkelen van een kruidenrijk grasland vraagt een uitgebalanceerd begrazings- en onderhoudsplan. Door de paarden van weide te laten roteren kan je met stootbegrazing de overbetreding en overbegrazing voorkomen. Paarden eten namelijk graag het korte gestrest gras dat amper nog groeit en hierdoor veel te hoge dosissen suikers bevat. Ook het jonge voorjaarsgras met vooral blad en weinig stengel is te suikerrijk voor paarden en bevat te weinig vezels. Daarom doe je er goed aan om de paarden pas vanaf midden juni op de weide te laten en te roteren naar een nieuwe weide van zodra het kruidenrijkgrasland gemiddeld nog maar 5 cm hoog staat.
Ook voor het in standhouden van een biodiverse paardenweide wordt er best gehooid vanaf half juni waarna het weiland begraasd kan worden of opnieuw kan opschieten voor een 2de snede in september. Pas vernieuwde weides waar kruiden zich nog verder moeten ontwikkelen worden i.f.v. de onderlinge concurrentie met het gras best gehooid rond half mei. Door stootbegrazing is de ontwikkeling van latrines beperkt. Bij voorkeur wordt de mest geruimd en gecomposteerd, vraagt dit echter te veel energie dan is het bloten en slepen van de latrines ook een optie. Het is echter belangrijk voor het ontwikkelen van een kruidenrijkgrasland dat er slechts beperkt bemest wordt d.w.z. 3 à 10 ton paardenmest per hectare. Voor het instandhouden van een kruidenrijk grasland en verdere verschraling te voorkomen is een jaarlijkse mestgift van 10 ton paardenmest per jaar aanbevolen.

De voordelen in een notendop:

  • Voor het paard:Een gevarieerd dieet dat alle nodige voedingstoffen bevat.
  • Voor de natuur: Blijvend kruidenrijk grasland bevat veel waard- en nectarplanten voor nuttige insecten en draagt bij met de CO2 opslag in de bodem.
  • Voor het landschap: Kruidenrijk grasland zorgt voor frisse en kleurige openlandschappen.
  1. Natuurlijk weidebeheer met kringloop van paardenmest

In een Equi Habitat wordt paardenmest verwerkt tot compost of bokashi en zo opnieuw ingezet voor het bemesten van de weides. Externe drijfmest en kunstmest worden niet gebruikt, eventuele tekorten in mineralen en sporenelementen worden aangevuld met bodemverbeteraars van natuurlijke oorsprong. Een goed bodemleven is de basis voor gezonde gewassen en dus goed ruwvoer.

De bemesting wordt niet afgestemd op maximale opbrengst van suiker- en eiwitrijke gewassen maar is vooral afgestemd op het ontwikkelen van een voor paarden gezond kruidenrijk grasland. Het is hiervoor aanbevolen om het bemestings- en bodemverbeteringsplan af te stemmen op een 3 à 5 jaarlijkse bodemanalyse.

Je doet er goed aan om de paarden pas vanaf midden juni op de weide te laten en te roteren naar een nieuwe weide van zodra het kruidenrijkgrasland gemiddeld nog maar 5 cm hoog staat. Het gras in de nieuwe weide staat dan best langer dan 15 cm. Ook voor de winterrust mag het gras niet tot tegen de grond begraasd worden en hou je best een lengte van 5 cm aan. Pas vernieuwde weides staan best 10 cm hoog tegen de vorstperiode om vorstschade te voorkomen. Ook door strookbegrazing toe te passen kan je hetzelfde resultaat bereiken op voorwaarde dat je grote stroken bijgeeft en de kortbegraasde stukken terug afsluit. Deze vorm van strookbegrazing kan voordelen hebben t.o.v. het fragmenteren in kleinere weides indien er ook hooi gewonnen wordt op het land.

 De voordelen in een notendop:

  • Voor het paard:Alle bodemverbeteringsproducten zijn van natuurlijk oorsprong en niet schadelijk voor paarden.
  • Voor de natuur: Alle bodemverbeteringsproducten zijn van natuurlijk oorsprong en niet schadelijk voor de natuur.
  • Voor het landschap: Het resultaat van natuurlijk weidebeheer met kringloop van paardenmest (zonder deze te overdoseren) is een mooi kruidenrijk grasland.